Abondance (1)

‘Abondance!’.

Wie heeft het in zijn jeugd nooit triomfantelijk geroepen om vervolgens binnen 3 slagen alle hoop te zien vervliegen en te verschrompelen tot de domme persoon die je in werkelijkheid bent? Ik was alleszins dat kind. Tijdens het wiezen werd men al eens enthousiast bij het zien van een onvoorstelbare hoeveelheid hoge klaveren in de hand, nee, dit kon niet mis gaan, hier moest een abondance van komen, minstens 9 slagen zouden er gemaakt worden, geen enkele twijfel. Nochtans! Een slimme tegenstander (meestal in de vorm van een vader) wist met behulp van zijn medespelers (moeder/zus/broer) hier een stokje voor te steken. Als je echt geluk had, waren je tegenstrevers niet zo goed aan het opletten waardoor de slimme tegenstander er alleen voor stond en je totaal onverdiend toch de voorgenomen slagen moest laten maken. Dit vond de slimme tegenstander niet leuk. Daar kwam miserie van.

Reacties

2 reacties op “Abondance (1)”

  1. Anne avatar
    Anne

    Jaaaaa, linkjes voor nog meer context: dit is wat de lezer wil!

  2. Martin avatar
    Martin

    Kijk, gelukt!
    Heel veel plezier daar!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *