Het streekgerechten menu

Wekelijks terugekerend op de agenda: het streekgerechten menu. Omdat jullie allemaal zo massaal ‘JA’ hadden geantwoord op de post waarin ik voorstelde hier een boekje over open te doen, krijgen jullie wat meer uitleg en beeldmateriaal. Het departement waarin we ons bevinden is de Haute Savoie (nr 74 – dit kan geen toeval zijn – mijn geboortejaar!). Grenst aan Italie en Zwitserland, heeft een uitgebreide historie, het inwonersaantal stijgt een stuk sneller dan in de rest van Frankrijk en het heeft een verwarrende vlag dan wel wapenschild. De argeloze observator kan denken dat we ons in Zwitserland bevinden maar niets is minder waar. Nu zijn we zo dicht bij Zwitserland dat je bij een flinke wandeling al gauw over de grens hupst.

1 van de talloze grensstenen
Het wapen van de Haute Savoie

We beginnen deze maaltijd steevast met een voorgerechtje voor de vleeseter: een paté (voor de mensen die nog niet over zijn op het vegetarisme benoem ik hier steeds dat deze paté gemaakt is van bijzonder schattige boerderijdieren, en als dat nog niet helpt, voeg ik eraan toe dat werkelijk elk onderdeel van dit diertje gebruikt wordt in de brokkelige blok vlees die op je bord ligt). Daarnaast ligt de rilette, een bol vlees omhuld met een gelei van cassis en rode vruchten, waarschijnlijk om de ondefinieerbare inhoud, gefabriceerd van varken, aan het oog te onttrekken. De tafelgenoot die rilt bij het aanschouwen van al dat vlees krijgt heerlijke gemarineerde watermeloen.

Nu gaan de zaken bergop: het tussengerecht komt eraan. Het tussengerecht is een smaakvolle kroket met als inhoud alle streekkazen, dus de Fontal, Tomme de Savoie en de Abondance, dezelfde kazen die ook op het ontbijtbuffet liggen. De kroket ligt op een bedje van biet en appel. Klinkt goed toch!

Dan de tartiflette. Hierover doen verschillende verhalen de ronde. Wij blijken allemaal iets verschillends te vertellen, maar vast staat dat de tartiflette een slimme marketing truk was in de jaren 80 om van het overschot van reblochon af te komen. De wintersport was booming en wat is er makkelijker, vullender en verwarmender dan wat plakjes aardappel, room, ui, spekjes en daaroverheen royale reblochon stukken in de oven schuiven en serveren aan de hongerige skiërs? Er wordt geschermd met authenticiteit en traditie, maar dat valt allemaal vies tegen dus, voor de jaren 80 had niemand ooit van een tartiflette gehoord. Nu is de reblochon wel een staaltje van Frans verzet. Ooit werd er belasting betaald over de melk die koeien produceerden, dus voor de inspecteurs kwamen, werd er een beetje gemolken, om nadat de mannen hun hielen hadden gelicht nog een keer te melken. Je weet nooit wanneer ze terugkwamen en dus werd er snel kaas gemaakt van de romigere tweede melkbeurt. Re-blocher betekende in het streekdialect ’tweede keer melken’. Lange tijd ging het heel goed met dit streekproduct, dat elke nieuwe grens en herindeling overleefde door authenticiteit uit te stralen. Toen het bergafwaarts ging, kwamen de toeristen goed van pas om de reblochon op te eten.

Het eindigt heel mooi met de pavlova, evengoed een mooi verhaal. Dit is een soort liefdesverhaal – althans dat maak ik er dan van. Een verliefde patissier in Nieuw Zeeland dan wel Australie. Een balletdanseres (Anna Pavlova) en de weg naar heur hart via de maag. De meringue als tutu. Je moet er wat van maken. Ook voor de bediening eindigt het vaak met een pavlova, want Adi kijkt niet op een enorme meringue meer of minder.

De tutu, de verse aarbeien en de room.

Reacties

Eén reactie op “Het streekgerechten menu”

  1. Anne avatar
    Anne

    Dank, heb gesmuld van alle feitjes!

Laat een antwoord achter aan Anne Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *